De Nederlandse diervoedersector heeft tussen 2018 en 2022 goede voortgang geboekt in het verder verduurzamen van diervoeder. Uit de periodieke monitoring voor het Nevedi traject Duurzaam Diervoeder 2030 blijkt met name de carbon footprint over de hele linie met tientallen procenten verder te zijn verlaagd. Een overzicht.
Nevedi heeft ontwikkelingen per dierlijke sector gemonitord aan de hand van vier Kritische Prestatie Indicatoren (KPI’s):
- KPI-1: Klimaatmitigatie: concreet uitgedrukt in de CO2 footprint
- KPI-2: Biodiversiteit: gekwantificeerd gebruik van soja, palm (ontbossingsvrij, conversievrij)
- KPI-3: Circulariteit: aandeel gebruik van rest- en bijproducten, en voormalige voedingsmiddelen
- KPI-4: Herkomst: aandeel grondstoffen uit geografisch Europa
De monitoring is gebaseerd op een representatieve opgave van de Nevedi-leden. Dat betrof 60% van de totale productie in 2018 (de 0-meting) en liefst 99% in 2022 (de 1-meting). Het maakt op basis van eenduidige berekeningen een cijfermatige vergelijking over de jaren goed mogelijk.
De data-opgave geeft cijfermatig de volgende resultaten: dus 2022 afgezet tegenover 2018 én getoetst aan de sectordoelen richting 2030.
KPI-1 Carbon Footprint
De carbon footprint (CFP) van het Nederlandse diervoeder is over de hele linie fors verder verlaagd, in lijn met de diverse sectordoelstellingen.
- Rundvee, een daling van 22%:
O-meting 2018 1228 kg CO2-eq./ton
1-meting 2022 958 kg CO2-eq./ton
Sectordoel 2030 800 kg - Kalveren, een daling van 25%:
O-meting 2018 1397 kg CO2-eq./ton
1-meting 2022 1.045 kg CO2-eq./ton
Sectordoel 2030 1100 kg CO2-eq./ton - Geiten, een daling:
O-meting 2018 1.189 kg CO2-eq./ton diervoeder
1-meting 2022 676 kg CO2-eq./ton diervoeder - Legpluimvee (ei), een daling van 21%:
O-meting 2018 1174 kg CO2-eq./ton
1-meting 2022 928 kg CO2-eq./ton
Sectordoel 2030 1.000 kg CO2-eq./ton - Vleespluimvee (kip), een daling van 19%:
O-meting 2018 1.643 kg CO2-eq./ton
1-meting 2022 1.332 kg CO2-eq./ton
Sectordoel 2030 kg CO2-eq./ton met een sectordoel (2030) op 30%. - Varkens, een daling van 19%:
O-meting 2018 914 kg CO2-eq./ton
1-meting 2022 742 kg CO2-eq./ton
Sectordoel 2030 550 kg CO2-eq./ton
KPI-2 Circulariteit
Het circulair verwerken van rest- en bijstromen en van voormalige voedingsmiddelen is in de referentieperiode per sector als volgt uitgekomen:
- Rundvee, gestabiliseerd:
O-meting 2018 54%
1-meting 2022 54%
Sectordoel 2030 54% - Kalveren, gedaald:
O-meting 2018 48%
1-meting 2022 40%
Sectordoel 2030 50% - Geiten, gestegen:
O-meting 2018 54%
1-meting 2022 71% - Vleespluimvee (kip), gedaald:
O-meting 2018 19%
1-meting 2022 13%
Sectordoel 2030 handhaven op 20% - Legpluimvee (ei), gestegen:
O-meting 2018 13%
1-meting 2022 17%
Sectordoel 2030 handhaven op ca. 20% - Varkens, gestabiliseerd:
O-meting 2018 35%
1-meting 2022 35%
Sectordoel 2030 handhaven op ca. 40%
KPI-3 Biodiversiteit
Het ontbossingsvrij gebruik van soja en palm gaat bij alle sectoren naar 100%, conform de doelen. Een 100% score is ook het doel voor de sectoren voor conversie-vrije soja en palm.
- Rundvee: soja stabiel op 100%, palm van 27% naar 79%;
- Kalveren: soja van 0% naar 93%, palm van 32% naar 92%.
- Geiten: soja van 0% naar 81%, palm van 56% naar 96%.
- Vleespluimvee (kip), soja van 11% naar 99%, palm van 100% naar 70%.
- Legpluimvee (ei), soja van 4% naar 83%, palm van 55% naar 59%.
- Varkens, soja van 15% naar 86%, palm van 47% naar 68%.
KPI-4 Herkomst Regionaal
De herkomst van grondstoffen voor de Nederlands diervoeder is grotendeels al regionaal, oftewel afkomstig uit geografisch Europa. Uitgesplitst naar sector:
- Rundvee, gestegen:
O-meting 2018 77%
1-meting 2022 78%
Sectordoel 2030 77% - Kalveren, gestabiliseerd:
O-meting 2018 72%
1-meting 2022 72%
Sectordoel 2030 75% - Geiten, gestegen:
O-meting 2018 64%
1-meting 2022 71% - Vleespluimvee (kip), gestegen:
O-meting 2018 67%
1-meting 2022 74%
Sectordoel 2030 75% - Legpluimvee (ei), gedaald:
O-meting 2018 83%
1-meting 2022 77%
Sectordoel 2030 75% - Varkens, gestabiliseerd:
O-meting 2018 35%
1-meting 2022 35%
Sectordoel 2030 35%